Rapport van Bevindingen zonder naam inspecteur.
- Hanjo Mastenbroek

- 4 mrt
- 3 minuten om te lezen

De uitspraak ECLI:NL:CBB:2025:564 van het College van Beroep voor het bedrijfsleven markeert een belangrijk moment in het bestuursrecht. In deze boetezaak onder de Wet dieren oordeelde het College dat een rapport van bevindingen onvoldoende bewijswaarde had, omdat niet vaststond wie het rapport had opgesteld.
Het gevolg? De volledige boete werd vernietigd.
Deze uitspraak is niet alleen relevant voor pluimveehouders, maar voor álle ondernemers die te maken krijgen met bestuurlijke boetes van toezichthouders zoals NVWA of Arbeidsinspectie.
Wat was de kern van de zaak?
Een pluimveehouder kreeg een bestuurlijke boete van €1.500 opgelegd wegens een vermeende overtreding van de Wet dieren. De minister baseerde deze sanctie volledig op een rapport van bevindingen.
De procedure verliep als volgt:
Primair besluit: boete van €1.500
Bezwaar: ongegrond verklaard
Beroep bij de Rechtbank Rotterdam: boete gematigd naar €1.350
Hoger beroep bij het CBB: volledige vernietiging van de boete
In hoger beroep werd het bewijs zelf aangevallen.
Waarom was het rapport ondeugdelijk?
Het rapport was ondertekend met:
“Toezichthouder met nummer [nummer]”
Volgens de minister was het opgesteld door een dierenarts.
Maar tijdens de zitting kon de minister niet aangeven:
Wie het rapport daadwerkelijk had opgesteld
Of die persoon inderdaad dierenarts was
Welke deskundigheid de opsteller had
Het College oordeelde daarom:
Als niet vaststaat wie het rapport heeft opgesteld, kan niet worden vastgesteld dat het door een deskundige is gemaakt.
Daarmee ontbrak een essentiële schakel in het bewijs.
Waarom zijn de bewijseisen streng bij bestuurlijke boetes?
Een bestuurlijke boete wordt juridisch aangemerkt als een “criminal charge” in de zin van artikel 6 EVRM.
Dat betekent:
Volledige rechterlijke toetsing
Strenge eisen aan bewijs
Twijfel komt ten gunste van de betrokkene
Bij een bestraffende sanctie moet het bewijs:
Controleerbaar
Verifieerbaar
Herleidbaar tot een bevoegde en deskundige persoon
Een anonieme ondertekening met alleen een toezichthoudersnummer is in zo’n context onvoldoende.
Het juridisch belang van identificeerbaarheid
Deze uitspraak maakt een belangrijk onderscheid:
Situatie | Gevolg |
Rapport niet ondertekend | Lage bewijswaarde |
Rapport ondertekend met nummer | Identiteit niet controleerbaar |
Rapport met naam en functie | Normaal sterke bewijswaarde |
In deze zaak zat het probleem in de tweede categorie.
Identificeerbaarheid is cruciaal bij sanctiebesluiten. Zonder herleidbare opsteller kan de rechter niet toetsen:
Of de persoon bevoegd toezichthouder was
Of deskundigheid vereist was
Of de bevindingen professioneel verantwoord zijn
Wat betekent deze uitspraak voor ondernemers?
Deze uitspraak heeft bredere implicaties voor:
NVWA-boetes
Arbeidsinspectie-boetes
ILT-handhaving
Gemeentelijke toezichtsrapporten
Bij ontvangst van een boetebesluit is het raadzaam kritisch te controleren:
Wie heeft het rapport opgesteld?
Is de opsteller met naam genoemd?
Is deskundigheid vereist voor deze constatering?
Is de ondertekening controleerbaar?
Kan de minister of inspectie de identiteit bevestigen?
Als dat niet kan, kan het bewijs onderuitgaan, net zoals in deze zaak.
Strategische lessen voor juridische procedures
De opvallende factor in deze zaak is dat de minister het gebrek eenvoudig had kunnen herstellen door:
De naam van de dierenarts te noemen
Een verklaring over te leggen
De bevoegdheid en deskundigheid te onderbouwen
Dat gebeurde niet.
In boetezaken geldt een fundamentele regel:
De bewijslast ligt volledig bij het bestuursorgaan.
Als het bestuursorgaan het bewijs niet rond krijgt, kan de sanctie niet in stand blijven.
Conclusie – kleine formaliteit, grote gevolgen
ECLI:NL:CBB:2025:564 laat zien dat een ogenschijnlijk technisch detail, de identiteit van de rapportopsteller, doorslaggevend kan zijn.
Het College vernietigde:
De uitspraak van de rechtbank
Het besluit op bezwaar
Het primaire boetebesluit
Boete: €0.
Voor ondernemers en juristen is dit een belangrijke reminder:
In bestuurlijke boetezaken is bewijs geen formaliteit, maar de kern van de zaak.
Veelgestelde vragen (FAQ)
Is een rapport zonder naam altijd ongeldig?
Niet automatisch, maar bij bestraffende sancties kan dit ernstige bewijsproblemen opleveren.
Geldt dit alleen voor de Wet dieren?
Nee. De bewijsregels gelden voor alle bestuurlijke boetes.
Kan een bestuursorgaan dit later herstellen? Dat hangt af van het stadium van de procedure en de aard van het gebrek.












